Tweelingfamilieonderzoek naar genetische varianten

Achtergrond

Aan de Vrije Universiteit Amsterdam wordt onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van gedrag en gezondheid. Bij dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van het Nederlands Tweelingen Register (NTR), opgericht in 1987. Twee- en meerlingen en hun familieleden (ouders, broers en zusjes en partners) kunnen zich bij het NTR inschrijven. 

Jonge tweelingen: Meer dan 35.000 families met een meerling staan vanaf de geboorte van de kinderen ingeschreven bij het Nederlands Tweelingen Register. Hun ouders ontvangen vragenlijsten over gezondheid, ontwikkeling, gedrag en gedragsproblemen van hun kinderen. Ook wordt de ouders toestemming gevraagd voor het verzamelen van vragenlijstgegevens bij de leerkrachten. Wanneer de tweelingen en hun broers en zusjes oud genoeg zijn worden ze, na toestemming van de ouders, gevraagd om zelf mee te doen aan het vragenlijstonderzoek. 

Volwassenen: Meer dan 22.000 volwassenen (meerlingen, hun ouders, broers en zussen en partners) doen mee aan het NTR-vragenlijstonderzoek en aan specifieke projecten zoals onderzoek naar diabetes, migraine, hart- en vaatziekten, geheugenfuncties en depressie. 

Resultaten tot nu toe

Op deze manier zijn heel veel gegevens verzameld over de ontwikkeling van gedrag en gezondheid vanaf de geboorte tot laat in het leven. Uit de resultaten bij kinderen is gebleken dat het risico voor het ontwikkelen van gedragsproblemen (zoals ADHD en angstig gedrag) voor een groot deel erfelijk is. Verschillen in intelligentie, schoolse prestaties en geheugenfuncties worden ook beïnvloed door erfelijke aanleg. Voor deze eigenschappen geldt dat de erfelijke aanleg sterker wordt als de kinderen opgroeien. 

Bij kinderen en volwassenen geldt dat verschillen in genetisch materiaal verschillen in lichaamsgewicht en lengte bepalen, in bloeddruk, cholesterolspiegels in bloed maar ook verschillen in gedragsrisicofactoren voor het ontstaan van hart- en vaatziekten, zoals lichaamsbeweging en roken. Eigenlijk is ons erfelijke materiaal betrokken bij bijna alle menselijke eigenschappen. 

Vervolgonderzoek 

We vinden dus voor veel eigenschappen dat erfelijke aanleg belangrijk is. Het is echter nog bijna niet bekend welke specifieke delen van het menselijk genetische materiaal (DNA) hierbij betrokken zijn. Dit kunnen we verder onderzoeken door het onderling vergelijken van het DNA van personen die hebben meegedaan aan NTR-onderzoek. Wij kunnen dan kijken of personen die op bepaalde stukken van hun DNA met elkaar overeenkomen ook overeenkomen in allerlei gemeten aspecten van gedrag en gezondheid. DNA kan eenvoudig worden verzameld met een monduitstrijkje. Ook kan DNA worden verkregen uit een buisje bloed. In het DNA kunnen genetische varianten worden bepaald waarvan vervolgens wordt onderzocht of ze samenhangen met depressie, migraine, hart- en vaatziekten, rookgedrag (bijvoorbeeld de moeite die sommige mensen hebben om met roken te stoppen) en talloze andere indicatoren van lichamelijke en geestelijke gezondheid. Genetische varianten kunnen in grote aantallen worden gemeten en die aantallen nemen nog steeds toe. 

Vervolgresultaten 

Het genetisch associatie onderzoek is een zeer succesvolle methode om genetische varianten te vinden. Dat blijkt uit de lijst met publicaties van het NTR (zie: www.tweelingenregister.org > onderzoek > speurtocht naar genetische varianten) waarin het onderzoek wordt beschreven naar genen die zijn gevonden voor o.a. diabetes, rookverslaving, depressie, geboortegewicht en gewicht later in het leven. Ook op de nieuwssite van het NTR vindt u de belangrijke bevindingen uit dit onderzoek. De oorspronkelijke wetenschappelijke publicaties staan onder de knop 'verslaggeving'.